Roodgele Brieven (1) : Gekke weken

Hey Niet te Kraken,

Hoe is het? Ben je al een beetje over de klap heen dat er geen ruimte komt voor een museum in De Adelaarshorst? Blijft zonde, want er is zoveel moois om te laten zien volgens mij. Gelukkig is er de site nog, waar je van alles op kan planten. Een boek zou ook wel een idee zijn. Lekker bladeren door de historie van de club. Niks mis mee.

Ik vind het maar gekke weken. Het is pas een maand na de degradatie, maar echt iedereen lijkt het al te zijn vergeten. Alsof het er niet is gebeurd. Dat is een verdienste van de club. Vooral de laatste twee weken waren spectaculair hoor. Al die nieuwe spelers, die opeens uit de hoge hoed getoverd werden. On-Eagles vond ik het. Normaal gaat het spelers aantrekken altijd zo moeilijk en nu hoefde je maar op F5 te drukken en er stond weer een nieuwe. De verbouwing lijkt ook als een raket gaan. Die nieuwe tribune wordt hoog hè. Je zou er bijna hoogtevrees van krijgen. Wat vind jij? Moet die tribune ook zomaar de Leo Halle tribune genoemd worden? Jij bent fan van hem, dat weet ik.

En die shirts ook nog. Dat filmpje met die kleine Tim. Leuk man! Met oude jongens als Van Kooten, Bosvelt, Hulshoff en de Knip. Zou die laatste trouwens in een net pak passen? Mooie reclame voor Go Ahead Eagles, Deventer en Hummel. Zijn drie shirts die ik wel in mij collectie wil hebben. En dan ook nog die seizoenkaartmeter. Die liep heel snel op naar 5500. Dat is echt bizar. Het hele gloryhunterverhaal kan de prullenbak in.

Allemaal hosanna dus. ik was tegenstander van dat hele Europese gebeuren. We hadden daar helemaal geen recht op, met ons slappe spel vorig seizoen.  Maar zo’n officiële loting is toch een nieuw iets. Ik denk dat heel Deventer achter de PC zat. Ondanks dat we naar Emmen moeten, begin ik het nu toch leuk te vinden. Komt ook door die tegenstander. Ferencváros is wel een naam. Als we tegen FC Knäckebröd van de Faöer Eilanden hadden gemoeten was het niet veel aan geweest. Ferencváros word ik wel vrolijk van, los van dat gedoe rondom die uitwedstrijd. Belachelijk dat wij gestraft worden voor hun daden. En zij mogen dan wel hierheen komen. Het is de omgekeerde wereld. Ik lees nu dat gasten al een reis naar Budapest geboekt hebben. Ik zou gewoon alsnog gaan. Is toch een mooi verhaal dat je kan zeggen dat je toch nog geweest bent? Lekker drie dagen in die stad hangen. Het schijnt er prachtig te zijn. Ik googelde even op Nightlife Budapest. Nou dat is een aanrader hoor.

Maar ondanks al het enthousiasme baal ik nog steeds een beetje. We gaan tegen Telstar, Emmen en FC Oss spelen. Dat is toch wel andere koek als Ajax, Feyenoord en PSV. Die eerste uitpot tegen Jong PSV op een maandagavond. Toen ik dat zag was dat toch wel een klap in het gezicht. Maar dat is iets voor later. Nu ga ik mee in het opportunisme. Volgende week ‘Ferencváros-thuis’. Laat maar komen!

Roodgele Groet,

Buitenkantje Links

In ‘Roodgele Brieven’ gaan bloggers http://www.niettekraken.nl/ en Buitenkantje Links in op de laatste ontwikkelingen rondom Go Ahead Eagles.

Advertenties

Boekrecensie: Opkomst en ondergang van de Roodblauwe Leeuwen

HFC Haarlem is al een tijdje niet meer. Er worden wel initiatieven gedaan om de club weer terug te laten keren in het betaalde voetbal, maar of dat ooit wat zal worden is de vraag. Gelukkig zijn er nog mensen die verleden van de club onder de aandacht brengen. Jan-Jaap van den Berg is zo’n persoon. Voorgaande jaren bracht hij het magazine ‘De Roodbroek’ uit, met daarin talloze mooie verhalen over de Roodblauwe.

Nu is er het boek ‘Opkomst en ondergang van de Roodblauwe Leeuwen’, een dikke pil van 460 pagina’s. Dit is niet zomaar een boek. Het is een must voor de liefhebber van het ouderwetse voetbal. De mensen die ooit in het Haarlem-stadion zijn geweest weten dat HFC Haarlem altijd hetzelfde is gebleven. Veranderingen waren er zelden en waarschijnlijk is dat ook de oorzaak waarom de club niet meer bestaat. Het boek is een terugkeer naar Haarlem. Er is een overvloed aan prachtige foto’s in dit boek, waardoor je niet perse een supporter van HFC Haarlem hoeft te zijn om het aan te schaffen. Barry Hughes, Ruud Gullit, Marcel Liesdek, Arthur Numan, Piet Keur om maar eens een paar namen te noemen, die voorbij komen.

Het boek is verdeeld in drie delen. Een kroniek van twintig seizoenen topvoetbal (1969 t/m 1989)in Haarlem, een deel met gedachten over de club en alles eromheen. Natuurlijk ontbreken ook de statistieken niet. Al met al een prachtig boekwerk waar men in Haarlem trots op mag zijn en het bewijs dat je in eigen beheer hele mooie boeken kan maken.

Voor meer informatie kijk op: http://www.roodbroek.nl

(Deze recensie stond eerder in het magazine Staantribune, gratis te lezen op http://www.staantribune.nl)

Leuk extra-tje

Frank Snoeks becommentarieerde de wedstrijdbeelden van dinsdagavond. Het publiek van Brazilië werd gefilmd. Het waren prachtige (ja, sorry, ik ben niet helemaal objectief) shots van balende en soms huilende Brazilianen. Mooier krijg je ze niet. Na de oorwassing tegen Duitsland baalden ze allemaal hand in hand, dat nare opportunistische volk, onder leiding van de verschrikkelijke man Luiz Felipe Scolari. Zeven doelpunten tegen in een halve finale. Prachtig! Niet dat ik het de Duitsers gun, maar dit was prachtig. De Braziliaanse luchtbel werd in negentig minuten tijd vakkundig doorgeprikt.
Snoeks leefde mee met de Brazilianen. Hij legde zelf nog even een link. Blijkbaar had hij ook gezien hoe supporters van NEC reageerden na hun degradatie. Iedereen kent de beelden vast nog wel. Huilende supporters, getroost door vrouwen. Tranen met tuiten. Snoeks vond het leed van de Brazilianen erger. En dát is natuurlijk lulkoek.

Supporters van een nationaal elftal kunnen lijden, maar zoiets gaat snel over. Het is maar een toernooi. Binnen afzienbare tijd is er weer een groot toernooi. Kunnen de supporters zich daar weer op richten. Voor een clubsupporter is het anders. Stel je bent dus voor NEC. Je hebt jarenlang in de Eredivisie gespeeld, soms zelfs Europees, en je degradeert naar de Eerste Divisie. Dan pas val je in een gat. Jouw club, waar je een seizoenkaart van hebt, waar je elke week mee bezig bent, waar je je vrienden ontmoet, op een niveau waarvan jij vindt dat ze daar niet horen. Het hele seizoen heeft jouw club achter de feiten aangehold. Nederlaag op nederlaag. Depressief zou je ervan worden op sommige momenten. Je neemt de prestaties van je club onbewust toch mee in je reguliere leven. Op een gegeven moment denk je dat je nog goed komt en dan gebeurt het toch: Degradatie! Dan breekt er wat en komen vanzelf de tranen. Dat leed is echter. De club is een onderdeel van het leven.

Die nationale elftallen zijn allemaal leuk en aardig en je moet ook zeker meegaan in de sfeer. Het is prachtig als jouw land ver komt op een toernooi. Hoe mooi is het dat heel Nederland momenteel in rep en roer is? Die akelige zomerstop wordt prima gevuld zo. En het is een perfecte reden om keihard te buizen en de barbecue aan te gooien. Zomaar even twee pluspunten. Maar als ‘we’ eruit vliegen, dan kunnen we snel schakelen. Het leven draait namelijk niet om het nationale elftal. Het draait om je eigen club. Het nationale elftal is een leuk extra-tje. Stel je bent supporter van NEC. Dan heb je dit WK nodig om het akelige seizoen te vergeten. Het helpt in het verwerkingsproces. Maar als Nederland toevallig vanavond of zondag verliest, dan is het rouwproces daarvan wel even wat korter dan die van de degradatie.

Op die momenten schakel je als clubsupporter gewoon weer terug naar je eigen club. Dan is zelfs Eerste Divisie-voetbal weer lekker. Een uitschakeling van het nationale elftal beïnvloedt je leven niet. De degradatie van je eigen favoriete club wel, want daar sta je mee op en je gaat er ook mee naar bed. Het nationale elftal is maar bijzaak.

Zoiets doe je niet!

Supporter zijn is niet altijd hosanna. Vooral als je degradeert ga je door een hel. Gisteren was dat het geval in Nijmegen. NEC degradeerde na twintig jaar eredivisie. Men heeft er een potje van gemaakt daar. De supporters zijn de dupe. Zij zijn veroordeeld tot minimaal een jaar Jupiler League. Daar vraag je niet om. Al zien de diehards ook kansen. Zij redeneren zo dat dan alleen de echte supporters overblijven, waardoor het uiteindelijk weer ouderwets gezellig wordt. Geen gloryhunters meer erbij en plek zat op de tribune, zodat je de ene helft NEC kan zien aanvallen de ene kant op en in de rust ga je dan gewoon aan de andere kant zitten om daar de aanvallen te volgen.

Het merendeel van de supporters was al snel lamgeslagen. Zij zaten de wedstrijd zwijgzaam uit. Stiekem werd er vooruit gekeken naar volgend seizoen. ‘MVV-uit, ‘Den Bosch-uit’ dat kan dan nog wel leuk zijn. Maar FC Oss? Eindhoven? Telstar? Ze vergaten even dat ook Jong Ajax, Jong PSV en Jong FC Twente er nog bijzitten. De grootste heethoofden ontploften na het laatste fluitsignaal. Ondanks dat NEC al door de voorraad tribunestoelen heen is, werd er gisteren weer vol overgave tegenaan getrapt. De stoelen moesten kapot. En ze moesten het veld op. Het is niet goed te praten, maar zo werkt dat voor heethoofden. Daarna gingen de heethoofden het veld op. Ouderwets hun frustratie botvieren. Een supporter liep vol overtuiging richting een speler en trok hem het shirt uit. Volgens de supporter verdiende de speler het shirt niet. Los van dat dit allemaal heel intimiderend en Oostblokachtig over komt, is het ook wel weer mooi, omdat de spelers de supporter in de steek hadden gelaten. Al een seizoen lang. De supporter was boos en wilde het eigenlijk bij alle spelers doen. Het bleef bij 1 shirt. Daarna kwamen er nog een handjevol heethoofden het veld op. Ze schreeuwden wat en gingen weer terug naar hun vak.

Maar tijdens de wedstrijd ging het echt mis. Het stond 1-3 en Eniesee was al helemaal kansloos. In de gracht stonden supporters die het niet meer aan konden zien. Zij waren er klaar mee. Om de tijd te verdrijven plunderden zij de catering. Ook niet goed te praten, maar vooruit. Hongerig waren de supporters echter niet. Er vloog een frikadel het veld op. Die lag daar eenzaam een minuut of vijf en toen volgden er meer. In totaal werden er ongeveer dertig frikadellen het veld opgegooid. Dertig! En allemaal niet van gegeten! Er werd zonder respect met de frikadellen omgegaan. Frikadellen horen bij het meubilair van de cultsnacks in het voetbalstadion. Zonder frikadellen geen voetbal. Eigenlijk is de frikadel nog belangrijker dan bijvoorbeeld je spits. Dit is overigens een mening van een snackliefhebber, maar dit even terzijde. De NEC-supporters misdroegen zich dus eigenlijk op een schandalige manier. Het zou logisch zijn dat deze supporters opgespoord worden en vervolgd gaan worden. Een seizoenlang frikadellen bakken bij thuiswedstrijden! Nee, geen stadionverbod. Dat is te makkelijk. Bakken moeten ze! En als er frikadellen over zijn aan het einde van de wedstrijd, moeten ze die zelf rondbrengen op de tribune. Al die trappen op bij een wedstrijd tegen FC Emmen, als er geen hond in het stadion zit. Dat zal ze leren. Frikadellen het veld opgooien? Zoiets doe je niet!

Matchday: Erin blijven

Op zaterdagmiddag lig ik vaak op de bank. Zo rond een uurtje of vier, vijf, zes. Echt een heerlijke tijd om op de bank te liggen. Het zonnetje schijnt dan mooi de huiskamer binnen, maar net niet irritant genoeg om televisie te kunnen kijken. Ik kijk dan half naar Engels voetbal op FOX. FOX zorgt voor rottijden om af te trappen, maar ook voor Engels voetbal. Zo slecht is FOX dus nog niet. Ook niet op de momenten dat je een uitwedstrijd van Go Ahead Eagles wil zien en daarvoor niet twee uur met een houten bek in de bus wil zitten. De zender krijgt nog wel eens kritiek, maar probeer ook de positieve punten er van in te zien, ondanks dat Spongebob op een andere zender meer kijkers trekt.

Ik dommelde tijdens een wedstrijd van Manchester United in slaap. Rond kwart voor zes werd ik wakker en zapte ik meteen naar Final Score op BBC. Millwall tegen Charlton Athletic was 2-2 geworden en zes minuten in blessuretijd maakte Plymouth Argyle gelijk. Hele belangrijke informatie. De uitslagen gaan altijd het ene oor in en het andere oor uit. Alleen de uitslag van Luton Town onthoud ik voor anderen die daar eventueel in geïnteresseerd zijn. Daarna zap ik terug naar FOX en daar is er meestal Eerste Divisie voetbal op. De ‘highlights’ van de avond ervoor. Ik denk dan weleens aan de jaren hiervoor. Toen wij ook in de eerste divisie speelden. Dan wil je nog niet inzien dat het allemaal niet veel voorstelt. Daar word je op gewezen als je op zaterdagen als deze er toevallig langs zapt. Ik werd er niet vrolijk van. Ik vocht tegen mijn slaap.

Ik wil de eerste divisie niet helemaal afkraken, maar als je eenmaal in de eredivisie speelt, wil je niet meer terug. Tijdens zo’n uitzending met samenvattingen werd ik met allerlei trauma’s geconfronteerd. Een verschrikkelijk veld bij Fortuna Sittard. Hoe lang rijden was dat altijd? En hoe vaak verloren we daar? En dan dat hele stuk nog terug. Top Oss, met duizend man op de tribune. FC Emmen, waar je de spelers elkaar hoort coachen omdat er minder toeschouwers in het stadion zitten dan dat er op opgegeven worden. FC Eindhoven met…. Tja, met wat eigenlijk? En ik denk nog even terug naar die thuiswedstrijden. Zeventien stuks of eerder zelfs achttien. Het merendeel van die wedstrijden kan ik me niets meer van herinneren. Heel soms is er iets van een herinnering. Van de Biezen met een hakje tegen Dordrecht, Yildirim die zes scoort tegen Cambuur of Smeekes die de hele verdediging van Zwolle voorbij rent. Maar het stokt al snel. Het leven in de eerste divisie is geen hoogtepunt. Ik vond het op ten duur een kwelling worden.

En daarom moeten we erin blijven. Ik wil nog een seizoen (veel meer natuurlijk) elke wedstrijd achtduizend supporters op de tribune, die met alle spelmomenten meeleven. Grote wedstrijden in de Adelaarshorst en daarbuiten. En op FOX. Ik wil ook wedstrijden op de bank op televisie kunnen kijken. Maar dan wel met Go Ahead Eagles in de eredivisie, anders val ik weer in slaap.

(Deze column stond in Matchday, het programmaboekje van Go Ahead Eagles)

Boekrecensie: Vechtlust

Een recensie over het boek ‘Strijdlust’ van Vincent de Vries kan eigenlijk niet helemaal objectief zijn. Na het televisie optreden van hoofdpersoon Fernando Ricksen weet iedereen dat hij de ziekte ALS heeft en dat dat betekent dat Ricksen waarschijnlijk niet meer heel lang te leven heeft. Ricksen gaat de strijd met de ziekte wel aan en dat past precies bij de titel van dit boek.

Het moment van het slechte nieuws, de dag voor verschijning van het boek, heeft er voor gezorgd dat ‘Strijdlust’ nu al een bestseller is in Nederland. Ricksen vertelt zijn levensverhaal en dat mag gerust spraakmakend genoemd worden. Het boek is in zekere zin te vergelijken met het boek ‘Geen Genade’ over Andy van der Meijde. Beide boeken staan vol met gekke verhalen met drank, drugs en seks. Ricksen vertelt zijn verhaal vanaf zijn kinderjaren. Al zijn avonturen bij Fortuna Sittard, AZ, Glasgow Rangers, Oranje, Zenit Sint Petersburg en opnieuw Fortuna Sittard komen aan bod.

Naast voetbal draait dit boek voornamelijk op drank en vrouwen. Veel drank en veel vrouwen. Ricksen hield op zijn zachtst gezegd wel van een drankje. En automatisch kwamen daar ook vrouwen bij kijken. Volgens Ricksen waren dat vaak mooie vrouwen. Zijn dronken (vreemdgaan)avonturen worden in geuren en kleuren verteld. Zo vaak zelfs dat het op een gegeven moment vermoeiend wordt. Het lijkt ons dat als je geheel laveloos bent, je ook niet alles na kan vertellen, maar Ricksen kan dat wel, tot in de details.

In 483 (!!!) pagina’s krijg je van alles voorgeschoteld. Voor de sensatielezer is dit verplichte kost. Als primeur vertelt Ricksen ook dat hij een jaar geschorst is geweest voor het gebruik van cocaïne, iets wat het nieuws nog nooit gehaald heeft. Of alle voetballers blij zijn met uitspraken van Ricksen is de vraag. Hij vertelt bijvoorbeeld dat het merendeel van de voetballers vreemdgaat en de jongere garde moet het ontgelden vanwege een gebrek aan mentaliteit. Ricksen wilde in dit boek alles vertellen en hij vertelt veel. Maar het nieuws van zijn ziekte overschaduwt toch dit boek. Wij wensen hem heel veel sterkte!

Boekrecensie: Telstar 50 jaar

Het is feest, want Telstar bestaat dit jaar precies 50 jaar. Om dit te vieren is er een boek uitgebracht simpelweg ‘Telstar 50 jaar’ genoemd. De ondertitel is ‘Voetbal onder de rook van de Hoogovens’ en het boek is geschreven door André Hoogeboom. Met enige vertraging is boxset van twee boeken uitgekomen. De release stond gepland in april, maar dat liep uit tot oktober. Er zijn precies duizend exemplaren gemaakt, waardoor het boekwerk in een box exclusief genoemd mag worden. De prijs is met 52 euro ook vrij exclusief…

De prijs zal er voor zorgen dat alleen de echte liefhebbers het boekwerk zullen kopen. Het eerste boek leidt je door de afgelopen vijftig jaar van Telstar heen. Supporter Leo Driessen heeft hierin het voorwoord geschreven. Schrijver Hoogeboom heeft de meest opvallende dingen uit het verleden van de club gepikt. Zo kom je verhalen tegen van Fred Bischot en het mes, Cees van Kooten, Sander Oostrom en uiteraard culttrainer Simon Kistemaker. Uiteraard komen ook de meiden van het huidige vrouwenelftal ruim aan bod en wordt de overgang van stadion Schoonenberg tot het Tata Steel stadion beschreven. Uiteraard staat dit boek vol met prachtige foto’s.

Het tweede boek bestaat veelal uit statistieken opgevuld met wat leuke gadgets uit het verleden. Dit is eigenlijk alleen voor de echte Telstar-supporters. De neutrale lezer zal dit tweede gedeelte links laten liggen.
Wie achter het verhaal van Telstar uit Velsen wil komen moet dit boek kopen. Je zal zeker niet teleurgesteld worden. In Velsen zal het boek op menig verlanglijstje komen te staan. Het boek is echter niet in de boekwinkel te krijgen. Hiervoor moet je wel enigszins je best doen. Het boek is hier bij uitgever Edicola en hier bij de Sportmediashop online te koop.